vrijdag 18 augustus 2017

Wilhelmus















Mijn naam is Max Kleinletter, onderwijsstrijdcorrespondent te Amsterdam, vanuit Delft en Den Haag.



Willem

"God, wees mijn ziel genadig. God, ontferm u over dit arme volk.“ De laatste woorden van Willem van Oranje, althans volgens de griffier van de Staten Generaal die ze in de notulen van het terzake doende verslag opnam. Willem schijnt bij het gebeuren op slag dood te zijn geweest en wat moet je dan nog zeggen. De dood van de stadhouder is, mede door de griffier die er met zijn notitie een mythologisch tintje aan gaf, een sleutelmoment in de Tachtigjarige Oorlog en een belangrijk moment in de ontstaansgeschiedenis van ons land. Willem’s status groeide uit tot die van “Vader des Vaderlands“.



Klucht

Van Delft over naar 's Gravenhage.

In een Haags etablissement waar alleen al het kijken naar een fles wijn een half maandsalaris kost en waar de geest van Louis Couperus nog immer rondwaart speelt zich de volgend scene af.

“Mijne heren, of moet ik zeggen: Lieve mensen. Ik heb u gevraagd hier bijeen te komen om met mij van gedachten te wisselen onder het genot van een exquise maaltijd en een goed glas wijn. Mijn naam is Gerrit Z. maar u kent mij wellicht als De Meesterbankrover, een reputatie die vooral gecreëerd is door de media, maar daar kan ik alleen maar om lachen. Ik zal u even aan elkaar voorstellen. Aan mijn linkerkant, welkom heren, Johan Kaart en Piet Bambergen. Ter rechterzijde, ook goedenavond, John Lanting en Joop Doderer. U kent elkander? Daar was ik reeds van uitgegaan, u bent immers allen meesters van het blijspel.“

"Ik heb u uitgenodigd omdat ik u een uitdaging wil voorleggen, ik wil namelijk het ware verhaal van mijn leven aan het grote publiek voorleggen in de vorm van een klucht. Ik speel al enige tijd met deze gedachte en de werktitel zou dan ook kunnen zijn: Het Neusje van de Zalm. De ondertitel: Hoe een hedendaagse Robin Hood geld stal van de armen en het gaf aan de rijken. Wat denkt u daarvan?“

Het blijft even stil, John schraapt de keel: “Een klucht zegt u. Waarom een klucht?“ Gerrit: "Welk middel leent zich beter voor het overtuigen van een grote groep dan humor!? U kent de mogelijkheden van het toneel. Was u het niet die ooit schreef: Een klucht is meer dan gebakken lucht?“ John: “Nee, dat was Johan, geloof ik. Johan?“ “Ik kan het me niet meer zo goed herinneren, John, maar heb je mijn recente productie van Potasch en Perlemoer al gezien?“ Piet: “Ben je daar nou nog steeds niet klaar mee, ouwe? De helft van je publiek is inmiddels dood en begraven!“ Joop: “Maakt het wat uit? Je moest eens weten wat ik nog jaarlijks opstrijk aan Swiebertje!“

Gerrit herneemt: “Heren, heren, daar komen we niet voor. De vraag is: ziet u het zitten? Om u een beetje op weg te helpen had ik het volgende in gedachten: In de eerste twee bedrijven wil ik in ieder geval graag mijn kompaan Klaas. K. geïntroduceerd zien en wil ik uitgelegd hebben hoe wij via het educatieve systeem het volk rijp voor de sloop hebben gemaakt. In dat laatste hebben wij trouwens een hoop tijd gestoken. Zijn jullie in staat om dat gegeven om te zetten naar een beknopte zedenschets en heeft er intussen al iemand een idee voor een betere titel?“ Johan: “Heeft u Potasch en Perlemoer eigenlijk al gezien?“ Piet: “Hou nou toch eens op, man! Waar speelt dat stuk eigenlijk? In Theater Rollater?“ Joop: “Wat dacht u van: De Dader des Vaderlands!?“ Gerrit: “Nou, dat klinkt zo gek nog niet. Wat vindt de rest van u daarvan?“ De aanwezigen brommen instemmend en John neemt het woord. “Hoe worden we geacht het indoctrinerend effect van de door u op slinkse wijze doorgevoerde onderwijshervorming op een luchtige manier concreet te maken?“ Gerrit: “Ja, daar zit ik een beetje mee. Ik heb de zaak nooit zo weten te controleren dat ik de door het onderwijs gehanteerde terminologie heb kunnen doorgronden. Ideeën graag!“ Iedereen doet er even het zwijgen toe en nipt aan z’n wijntje. Na een paar happen van het karig gevulde bord neemt Johan het woord: “Wat vragen ze hier nou voor die liflafjes? In Potasch en Perlemoer....“ Piet: “Nu moet je ophouden, oude man. Als mijn geloof het toeliet zou ik je voordragen voor euthanasie, maar jammer genoeg..“ Joop: “Eh, niet om het een of ander, hoor, maar als ik op persoonlijke titel spreek...Het ontbreekt bij de jeugd van tegenwoordig aan plichtsbesef en nationale trots. Wie weet nou nog wat het Nederlanderschap inhoudt? We kunnen Gerrit toch neerzetten als degene die het land weer het Wilhelmus heeft leren zingen!?“ John knikt instemmend. “Simpel doch doeltreffend, ja, je maakt er in ieder geval een lang verhaal kort mee. Wat vind jij Gerrit?“

Van achter een gordijn, opgehangen met de bedoeling intimiteit en privacy in het etablissement te waarborgen, klinkt gelach. “Luistert er iemand mee?“ vraagt Joop. Gerrit: “Ik ken die lach. Schuif eens open, Joop.“ Een persoon aan de andere kant is opgestaan en maakt zich haastig uit de voeten. Gerrit vervolgt: “Ah, die ken ik! Dat was gekke Geertje, de eigenaar van theatercafé Het Bruine Hemd. Kent u hem? Goeie ideeën heeft die man. Jammer alleen dat ik hem maar slecht in mijn nabijheid verdragen kan. Hij heeft Tourette, ziet u. Ik zal nu maar snel een van mijn kranten gaan bellen, anders gaat hij er met de primeur vandoor. Als het eenmaal bekend is kunnen jullie er trouwens ook niet meer onderuit. Heeft er nog iemand iets te vragen?“ Piet staat op en wil zijn jas aantrekken. “Ik heb hier toch allemaal wat moeite mee, hoor. Het Wilhelmus op school? Dat is toch meer iets voor voetbalclubs. Ach, was Wim maar hier, die zou het wel weten.“ Joop: “Wim wie? Wim Kan, Wim Kok, Wim Sonneveld?“ Piet: “Ja, die!“ Johan: “Daar heb ik wel eens van gehoord, ja. Iemand trouwens interesse in vrijkaartjes voor Potasch en Perlemoer?“



Formatie

Er is inmiddels bijna een half jaar verstreken sinds de verkiezingen. Er wordt sindsdien gepraat en gepraat en wat en van die formatiegesprekken naar buiten komt doet het ergste vrezen. Het Wilhelmus, dus. Willem van Oranje draait zich om in zijn graf. Je hoort hem brommen: “Heb ik me daarvoor dood laten schieten!?“



Dit was Max-Blij-Onverveeld-Kleinletter.



 

woensdag 16 augustus 2017

Onderhandelen



















Mijn naam is Max Kleinletter, onderwijsstrijdcorrespondent te Amsterdam, vanuit Jakarta.



Onderhandelingen

“You are what you are“. Woorden van de Amerikaan Frank P. Graham, voorzitter van de Commissie van Goede Diensten die de onderhandelingen tussen vertegenwoordigers van de Nederlandse regering en Indonesische onafhankelijkheidsstrijders tot een goed einde moest brengen. Het was januari 1948, meer dan twee jaar na het uitroepen van de Republiek Indonesia door Soekarno en Hatta op 17 augustus 1945. Indonesia Merdeka was de leus, precies 72 jaar geleden. De woorden van Graham waren gericht aan de afgevaardigden van de opstandelingen.



Akkoord

Aan boord van de USS Renville werd uiteindelijk een akkoord bereikt. Beide partijen hadden een hard hoofd in het bereikte compromis dat had moeten leiden tot een Verenigde Staten van Indonesië. De republiek van Soekarno zou daar slechts een relatief klein onderdeel van zijn. Graham, die de tekenen van de tijd beter begreep dan de Nederlandse overheid, trachtte met zijn woorden de Republikeinen een hart onder de riem te steken. Kolonialisme had afgedaan en het tij verliep in republikeins voordeel. Onderhandelen, wist Graham, betekent dat er soms een stapje terug gedaan moet worden om er dan later twee voorwaarts te kunnen maken. You are what you are en daar verandert niemand meer iets aan.



Recht

You are what you are, beste onderwijscollega’s, en ook daar verandert niemand iets aan. Wij zijn opgeroepen in opstand te komen omdat wij in ons recht aangetast zijn. Een hete herfst moet het gaan worden en als het daar werkelijk van gaat komen liggen er onvermijdelijk onderhandelingen in het verschiet. You are what you are, maar wat bent u eigenlijk?



Trouw

Om te beginnen zijn wij-van-het-onderwijs hondstrouw. Trouw aan de kinderen die wij onder onze hoede hebben. Het beste is niet goed genoeg. Wij zijn trouw aan onze werkgever die zijn best doet om de belangen van de maatschappij zo goed en zo kwaad als dat kan in onderwijsbeleid om te zetten. Wij zijn nooit te beroerd om een uurtje extra door te werken om dat allemaal uit te voeren en te verantwoorden. Wij zijn altijd bereid om constructief mee te denken over hoe het allemaal nog beter kan. Wij zijn bereid weekeinden en vakantiedagen op te offeren indien nodig. U bent zelfs bereid op een doordeweekse avond dit stukje te lezen.



Werknemer

Maar.... U bent ook werknemer. Ondanks alle opofferingen wordt u behoorlijk onderbetaald,uw overuren worden al helemaal niet vergoed en er wordt gespeeld met uw trouw. Wat vandaag als het hoogste geldt blijkt vaak morgen achterhaald en u wordt daarom van cursus naar cursus, van het kastje naar de muur gestuurd. Uw broodheer wil u laten geloven dat het een eer is dit beroep te mogen uitoefenen en rekent bij uw werkende partner op begrip en compensatie voor het gapende gat in uw loonstrookje. U werkt onder omstandigheden die bij menig bedrijf tot dreiging met sluiting heeft geleid. Bent u zelf nog aan het stichten van een gezin toegekomen?



Merdeka

Max zegt: laat die hete herfst maar komen! Onderwijs Merdeka! Behalve een behoorlijk salaris wordt het tijd voor autonomie, zeggenschap over hoe wij ons vak uitoefenen en de erkenning van ons vak als zwaar beroep. Wij eisen het recht te zijn wie we zijn en wat we zijn. We are what we are!



Dit was Max-Echt-Waar-Kleinletter.

maandag 14 augustus 2017

Rapportcijfer

















Mijn naam is Max Kleinletter, onderwijsstrijdcorrespondent te Amsterdam, vanuit Duinkerken.



Zesdaagse

Het is alweer vijftig jaar terug, de Zesdaagse Oorlog. Israël kreeg er met een paar dagen van Blitzkrieg-volgens-het-militaire-boekje zijn buurlanden mee op de knieën. De verliezen aan Israëlische kant waren relatief klein. Alles vond plaats voordat de klok figuurlijk twaalf sloeg, want de veiligheidsraad had zich er al snel mee bemoeid. Stoppen na zes dagen stelde dus ook de internationale gemeenschap gerust. Israël blij. Als je deze overwinning vanuit militair perspectief met een cijfer zou moeten beoordelen dan zou hij zeker een 10 verdienen.



Duinkerken

Een nederlaag kan ook een hoge score opleveren. In Urk weten ze daar alles van want daar zijn onlangs de opnamen van de bioscoopfilm "Dunkirk“ afgerond. In Duinkerken had het Duitse leger in 1940 het Britse een fatale nederlaag kunnen toebrengen maar uiteindelijk kwam het niet zover. Hitler zette even de rem op zijn Blitzkrieg in de hoop dat de Britse regering het hopeloze van de strijd zou inzien. Dat gaf de tijd het Franse havenstadje te evacueren, een feit dat in Engeland gevierd werd als een grote overwinning. Een 9 dus, zeg maar.



Propaganda

Het feit dat de meeste Engelse soldaten het er levend hadden afgebracht gaf wellicht het vertrouwen voor de voortzetting van de strijd en als je het zo bekijkt heeft propagandistisch becijferen wellicht zo zijn nut. Vertrouwen is iets dat nu eenmaal gekweekt moet worden en een 9 misstaat dan op geen enkel rapport.



Plaats

Rapporten, schoolrapporten, pretenderen nogal wat: een gedetailleerd oordeel over ieder aspect van elk denkbaar schoolvak, gebaseerd op uitslagen van methode-gebonden toetsen, ondersteund door onpartijdige en nadrukkelijk in beeld gebrachte CITO-scores en dus ontdaan van partijdigheid en vooroordelen. Geen speld tussen te krijgen, de rapportage is boven iedere twijfel verheven. Een overwinning is een overwinning, een nederlaag een nederlaag, een wonderkind kan zo nooit per ongeluk tot total loss verklaard worden en omgekeerd. Het kind moet zijn plaats kennen.



Pretenties

Hoe becijfert de leerkracht het kind dat wel een steuntje in de rug kan gebruiken? Onderwijzen, zeker op de basisschool, is toch voor een groot deel het stimuleren van het zelfvertrouwen en een 9 of 10 kunnen uitdelen, daar wordt niet alleen het kind blij van. In absolute termen is het behalen van perfectie, of excellentie zoals het ministerie van onderwijs het graag wil noemen, toch al onhaalbaar. Van een leerling in pakweg groep 6, die een AVI+ score heeft behaald en een A voor CITO-woordenschat, mag je nog geen tweehonderd pagina’s dikke roman verwachten. Een met plaatjes opgeleukt werkstuk over een dier (uit het wild, geen huisdier) kan bij Max al snel op een dikke 9 rekenen. De inzet alleen al! Een sluitende theorie over donkere materie verwacht hij verder van geen enkel kind en daarmee kunnen wat hem betreft alle pretenties wel overboord. Een rapport, dat is een soort evacuatie van Duinkerken.



Becijferen

Max is helaas geen briljant onderwijsstrateeg, geen pedagogische Moshe Dayan. Gezond verstand en Fingerspitzengefühl, nou vooruit. En de rapporten die hij schrijft? In de verte klinken de sirenes. Whoeoeoeoeoeo, hoeoeoeoeoe, hoooooeeeeee!! Ja, HOE becijfer je onderwijs op maat? Evacueren maar weer!



Dit was Max-Een-Zesje-Kleinletter.

zondag 6 augustus 2017

Parnassys


















Mijn naam is Max Kleinletter, onderwijsstrijdcorrespondent te Amsterdam, vanuit Delphi.



Kinderen

Max houdt het kort vandaag. Hij heeft hoofdpijn, oorlog in zijn hoofd. Dat wist u al. Oppergod Zeus had ook oorlog in zijn hoofd en niets hielp. Nadat Hephaistos zijn schedel had gespleten werd daaruit Pallas Athene geboren, godin van de wijsheid. Van een “splitting headache“ gesproken.
Bij Zeus thuis, op de berg Olympus was ook niet alles pais en vree. Hera ontstak ooit in woede om twee buitenechtelijke kinderen, Apollo en Artemis. Aan de voet van de berg kon men het nog dagen horen donderen. Begrijpelijk.



Berg

Apollo werd, behalve zonnegod, hoeder van vele zaken en was in staat gebeurtenissen te voorspellen. In de schaduw van een Griekse berg vindt men nu nog de tempel die aan hem gewijd is en die in het verleden een beroemd orakel huisvestte. De plaats: Delphi. De heilige berg: Parnassus.



Systeem

Een groepje computerlolbroeken heeft gemeend het in hun ogen ultieme onderwijs-administratieprogramma "Parnassys“ te moeten noemen. Het achterlijke achtervoegsel -sys is een modernisme dat Max hen nog wel wil vergeven, voor de rest moeten zij rekenschap afleggen aan de goden. Het programma pretendeert nogal wat en wie de goden te slim af wil zijn moet er op bedacht zijn dat hij wellicht Hybris pleegt en dat pakt voor de pleger meestal niet goed uit. Mocht het systeem falen of vastlopen dan kunnen de ontwerpers dus opgelucht naar boven wijzen.



Hoofdpijn

Max heeft nog steeds hoofdpijn. Hij probeerde zojuist in te loggen maar wat bleek: Parnassys is wegens onderhoud offline. Een pilletje dan maar, of de hersenpan laten splijten. Max zal dan wel een papyrusblad en een ganzenveer ter wereld brengen. Dat werkte indertijd immers ook al prima.



Dit was Max-In-Barensnood-Kleinletter.

donderdag 3 augustus 2017

Pauze















Mijn naam is Max Kleinletter, onderwijsstrijdcorrespondent te Amsterdam, vanuit Damascus.



Bestand

De wereld heeft haast, heel erge haast. De burgeroorlog in Syrië bijvoorbeeld illustreert dat aan de hand van het aantal gesloten bestanden, bestandjes liever. 29 December 2016 spraken de Syrische regering, Turkije en Rusland zo’n bestand af, op 3 januari van dit jaar was het alweer voorbij. De burgerbevolking van de gebieden waarvoor het bestand gold had amper de tijd zich uit de voeten te maken. Bestanden van een aantal uur zijn er in deze strijd zelfs al afgesproken om burgers uit het slagveld te kunnen evacueren. Dat bleek zelfs te kort voor de tegenstander om zo’n bestand te saboteren, de afkondigers hadden het vuur alweer geopend. Wie zijn er van van al dat gedoe uiteindelijk het kind van de rekening?



Vooruitgang

Nee, dan vroeger. Onze vaderlandse geschiedenis kent een bestand dat 12 jaar stand hield, maar dat was dan ook wel in een oorlog die maar liefst 80 jaar duurde. Tja, vroeger was alles beter. Beter? In ieder geval trager. Het Spaanse leger had in 1572 zo’n 7 maanden nodig om de stad Haarlem op de knieën te krijgen, de Amerikaanse luchtmacht wist in 1945 de Japanse stad Hiroshima in enkele seconden van de kaart te vegen. Dat heet dus vooruitgang en vooruitgang laat zich blijkbaar meten aan de hand van de snelheid waarmee dingen ten uitvoer worden gebracht.



Middagpauze

De middagpauze in Max’ jeugd duurde anderhalf uur. De school ging uit om kwart over twaalf en de leerlingen werden om kwart voor twee weer terug verwacht. Lunchen gebeurde thuis waar moeder al met een keurig gedekte tafel, gesmeerde boterhammetjes en een glaasje melk klaar zat. Na de lunch kon er nog even buiten gespeeld worden en dan ging het weer naar school. Wie zijn brood en zwemspulletjes meenam kon bij mooi weer zelfs een uurtje naar het zwembad.
De leerkrachten hadden tussen de middag ruim de tijd voor nakijkwerk en het nuttigen van hun eigen middagmaal. Wie het efficiënt aanpakte kon zelfs even buiten de deur gaan eten of boodschappen doen. Haast had niemand.



Druk, druk, druk

Het anderhalf-urig bestand bestaat niet meer. Moeder is niet meer thuis voor haar kroost en van naar huis gaan is dus geen sprake. Een half uur krijgen de kinderen nu op school ter ontspanning aangeboden en het liefst moet er in die tijd nog gegeten worden ook. Onderlinge spanningen krijgen niet de tijd om even weg te ebben, het eten krijgt geen tijd om even te zakken. Max draait al overuren tijdens de reguliere werkdag. Lunchen doet hij pas als de schooldag van de leerlingen is afgelopen. Over de avonden, de weekeinden en vakanties wil hij het maar liever niet hebben.



Derdewereldland

Haast en schaalvergroting gaan hand in hand. Ging er vroeger een boerderij in vlammen op, er vielen twintig koeien en zeven varkens te betreuren. De score van 2017: 20000 varkens legden onlangs bij een stalbrand het loodje. Bij een kippenboerderij kan zoiets al gauw op een half miljoen slachtoffers uitdraaien. Wat een wereld! Dagelijks staat half Nederland uren in de file, zich ergerend over dieselschandalen en de prijs van een liter benzine. Met het openbaar vervoer dan maar. Buschauffeur is een uitstervend beroep, de busmaatschappijen zijn al aan het ronselen in India. In navolging daarvan is de N.S. er toe overgegaan passagiers op het dak van de trein toe te staan. We zij hard op weg een derdewereldland te worden.



Humeur

Flexibele werktijden en een vierentwintiguurs-economie verbeteren het humeur niet echt. Het aantal patiënten dat zich bij de eerstelijns geestelijke gezondheidszorg meldt neemt per dag toe. De pakweg 30 miljard die ons dat per jaar kost staat garant voor het oplossen van ongeveer 3 procent van de aandoeningen. Huisartsen kosten de maatschappij een tiende van dat bedrag en die genezen ongeveer 80 procent van hun klanten. Gaan we er iets van zeggen? Wie het tegenwoordig opneemt tegen zijn eigen overheid loopt het risico getrakteerd te worden op vatbommen en gifgas. Niet hier, zult u zeggen. Nee, nóg niet!



Oud en zat

Ouderen moeten tot de laatste snik zelfstandig blijven, eerste hulpposten sturen hun klanten door, er zijn kinderen die op geen enkele school welkom zijn en eieren kan men vandaag de dag maar beter niet meer eten. Half Nederland is aan de middelen: cocaïne, heroïne, cannabis, party drugs, alcohol, oxazepam, diazepam, andere pam, antidepressiva, ritalin, pijnstillers. En roken mag niet! Het zaad van de westerse man gaat hardhollend in kwaliteit achteruit maar dat maakt toch niks uit. Vrouwen hebben pas na hun veertigste tijd om kinderen te krijgen. Crèches zijn onbetaalbaar.



Economie

Onze koning doet ondertussen zijn uiterste best onze tulpenbollen tot in de meest afgelegen uithoeken van de wereld aan de man te brengen. De koningin op haar beurt probeert door het verstrekken van microkredieten alle onwetenden te verleiden een onderdeel van de globale economie te worden. Iemand moet die bollen tenslotte kopen. Om alles geregeld te krijgen is het noodzakelijk dat een ieder die ook maar íets voorstelt naar Amsterdam komt. Voorheen onbewoonbaar verklaarde krotten gaan daar inmiddels voor een half miljoen over de toonbank. Een likje verf doet wonderen! Waar woont tegenwoordig de echte Amsterdammer? Iedereen houdt inmiddels van Eberhard van der Laan, de burgemeester die alles goedvindt, en, omdat ie inmiddels ook zielig is, van Lodewijk Asscher. Mark Rutte vindt het trouwens ook allemaal wel best. De AIVD mag tegenwoordig zoveel meer dat ze de zaken wel onder controle zullen houden. Gifgas is vooralsnog niet nodig.



Vissen

Het topje van de ijsberg, dit. Maar er is ook goed nieuws: De Houting is terug in de Nederlandse wateren! Houting? Coregonus oxyrinchus, zie ook Grzimek’s Leven Der Dieren, deel 4, blz. 273. Max hoopt ooit nog eens aan vissen toe te komen, vandaar. Ondertussen roept hij op tot een bestand. Nee, het hoeft geen twaalf jaar te duren. Een half uurtje extra middagpauze zou al een mooi begin zijn.



Dit was Max-Moe-Kleinletter.

vrijdag 28 juli 2017

Trakteren













Mijn naam is Max Kleinletter, onderwijsstrijdcorrespondent te Amsterdam, vanuit Couch Behar.



Pot

"Soldaten wohnen auf den kanonen“, dichtte Bertold Brecht in De Kanonensong uit de Dreigroschenoper, de Driestuiversopera. Soldaten zijn altijd hongerig, de vijand moest volgens Brecht dan ook oppassen niet te eindigen als "Beefsteak Tartar“. Nee, gourmetten of barbecue heeft er voor Jan Soldaat nooit ingezeten. Eten wat de pot schaft dus en die pot schaftte nooit veel soeps.



Kanon

Het favoriete kanon van de militair te velde braakte geen bommen of granaten maar een warme hap. Vaak geserveerd: goulash. Vandaar dat het apparaat tot "Goulashkanon“ gebombardeerd werd. Het goulashkanon was niets anders dan een grote pan op wielen met onderin een stookinstallatie geschikt voor alle mogelijke en onmogelijke vormen van brandstof. Er was voorzien in een kast voor de rauwe voedingsmiddelen, braadvet en water en het geheel werd gecompleteerd door een trekhaak en een schoorsteen. Aan die schoorsteen heeft het ding zijn naam te danken.



Goulash

Goulash is een smakelijke, van oorsprong Hongaarse, maaltijd. Voor de legerkok klonk de naam exotisch genoeg om als dekmantel te dienen voor de ratjetoe die voor de soldaten bereid moest worden. Enig geldend criterium: Het moest voedzaam zijn. De smaak, of het gebrek aan smaak, dat was het geheim van de chef.



Suiker

Boys will be boys. Wie jongetjes jongetjes wil laten blijven hoeft zich niet per se druk te maken over de speeltoestellen op het plein, nee, er bestaat een probaat middel: suiker. Een overdosis suiker kan jongetjes omtoveren tot ware vechtmachientjes. Max herinnert zich van zijn diensttijd een sergeant die dit middel ook kende, hij deelde kwistig druivensuikertjes uit tijdens de lange marsen die regelmatig op het programma stonden. Het pelotonnetje leerlingen onder Max’ bewind wordt uiteraard niet beloond of opgepept met dextrose maar zijn observaties voeden het vermoeden dat er bij de leerlingen thuis niet gekeken wordt op een klontje meer of minder. Op de ouderlijke kennis van gebruikte voedingsmiddelen valt ook nog wel het een en ander aan te merken. Komt nog eens bij dat quinoa zaad en goji bessen niet voor iedere beurs beschikbaar zijn.



Gezond

Gezondheid en gezond gedrag staan hoog op het curriculum van de basisschool. Een van de manieren om er iets aan te doen is het reguleren van het trakteergedrag bij verjaardagen. Snoep en chips zijn uit, fruit en zuivel zijn in. Jammer voor Max. De jarigen die de klassen nog rond mogen presenteren hem met regelmaat een wat verlept stokje met restantjes aardbei, mandarijn, zure bommetjes en in fruitsap verdronken kaas. “Wat lekker! En zo gezond! Vind je het erg als ik het voor straks bewaar?“ Naast een vuilnisbak en papiercontainer zou een compostvat op school niet misstaan.



Lunch

Een ander middel om de eetgewoonten te monitoren betreft de lunch. Die wordt tegenwoordig in het kader van het continurooster op school genuttigd. Het moet gezegd worden: de inhoud van de broodtrommeltjes bevat zelden iets onaanvaardbaars. Zal dit voor volgende kabinetten voldoende garantie voor gezond eetgedrag bieden? We gaan het zien. Na verloop van tijd, Max hoopt dit niet meer mee te maken, zal er naar Engels voorbeeld wel een keuken aan de school verbonden worden. Beefsteak Tartar, op z’n Engels bereid met lekker veel vet, zal het wel niet worden. De Londense school die Marsrepen op het menu had zal ook wel niet als voorbeeld dienen. Een goulashkanon dan maar. Of een toekomstige variant: een infuusje. Recept daarvoor uitgeschreven door het Ministerie van Volksgezonheid. Max is benieuwd.



Dit was Max-Hoezo-Lunch?-Kleinletter.

maandag 24 juli 2017

Parkeervergunning


















Mijn naam is Max Kleinletter, onderwijsstrijdcorrespondent te Amsterdam, vanuit Bucephala.



Plaatsnamen

De stad Peritas zal men in het register van de Grote Bosatlas niet meer aantreffen. Tegenwoordig heeft de plek vermoedelijk een andere naam en daarbij is de geschiedenis het spoor bijster geraakt over de juiste locatie ervan. Alexander de Grote stichtte de plaats tijdens zijn veroveringstochten en vernoemde het naar zijn trouwe hond. Een ander stadje, Bucephala, kreeg de naam van zijn paard. Dat paard, Bucephalus geheten, was Alexanders meest betrouwbare compagnon. De beide stadjes moeten we vermoedelijk zoeken in of nabij het huidige Pakistan.



Faam

Alexander was de enige die Bucephalus kon berijden. Na de aankoop door zijn vader, een groot paardenliefhebber, zag hij dat niemand in staat was het dier te bestijgen. Hem lukte het wel. Hij had gemerkt dat het dier in de felle Macedonische zon steeds weer schrok van zijn eigen schaduw. Na het dier met het hoofd naar de zon gekeerd te hebben sprong Alexander in het zadel, reed er een paar rondjes op en mocht het dier vervolgens van zijn vader het zijne noemen. Bucephalus faam was bijna net zo groot als die van zijn berijder, het dier werd zelfs eens gekidnapt om tot gunstige voorwaarden bij onderhandelingen met de grote usurpator te komen. Dat Bucephalus de beste zorg kreeg die ooit een paard ten deel is gevallen staat buiten kijf. Max’ auto kan er, en niet een beetje, alleen maar jaloers op zijn.



Offers

Auto’s dus. Tegenwoordig naast vliegen zo ongeveer de enige mogelijkheid om van Macedonië in Pakistan te geraken en zo ongeveer de enige kans om een werkloze onderwijscollega uit de provincie er toe te bewegen een dagelijks tripje naar een onderwijsbaan in Amsterdam te laten ondernemen. Zo iemand hier een woning aanbieden? Die macht heeft een stadsbestuur, laat staan een onderwijsbestuur, tegenwoordig niet meer. Een parkeervergunning dan maar, ook een gewild en kostbaar item. Leerkrachten liggen in de grote stad nu eenmaal niet voor het oprapen dus er zullen offers gebracht moeten worden. Moet de nieuwe collega de prijs van de vergunning zelf ophoesten of gaat de gemeente ook dat voor zijn rekening nemen? Zal hij of zij een vergoeding voor de brandstofkosten tegemoet kunnen zien? Max verkneukelt zich al over de precedenten die geschapen zullen worden.



Regelingen

Een salarisverhoging gloort aan de horizon, lieve onderwijs collega’s. Mocht het via een eventuele nieuwe CAO niet lukken dan zal de gemeente met tal van aftrekposten, vergoedingen en andere aantrekkelijke regelingen op de proppen gaan komen. En wat voor de één geldt....... Mochten we er met de gemeente niet uitkomen dan kunnen we altijd nog de dienstauto van burgemeester van der Laan kidnappen. Max opteert alvast voor een bijdrage aan de ziektekostenverzekering, dat kon in het verleden tenslotte ook en, als we toch bezig zijn, een nieuw stalen ros, een dienstfiets met onderhoudsmonteur en reparaties “on the spot“. Hij zal hem alvast “Bucephalus“ dopen.



Dit was Max-Geparkeerd-Want-Vakantie-Kleinletter.